Vanaf 16 november maximaal 50% contactonderwijs voor de tweede en de derde graad secundair onderwijs, kwalificatiefase en integratiefase BuSO OV3

10 november 2020

Vanaf 16 november starten we terug op. Voor het basisonderwijs en de eerste graad van het secundair onderwijs organiseren we 100% contactonderwijs. Voor de tweede en derde graad van het secundair onderwijs, kwalificatiefase en integratiefase BuSO OV3 besliste het overlegcomité dat we overschakelen op maximaal 50% contactonderwijs. Wat betekent dat concreet?

Er wordt ook de volgende periode beroep gedaan op jullie evenwichtskunsten om voor een veilige schoolorganisatie te zorgen die tegelijkertijd ook pedagogisch efficiënt en effectief moet zijn en organiseerbaar.

De overheid verplicht ons opnieuw over te schakelen op minstens vijftig percent afstandsonderwijs voor de tweede en derde graad van het secundair onderwijs en de kwalificatiefase en integratiefase BuSO OV3. In de regel wordt dat afstandsonderwijs week om week georganiseerd met halve klasgroepen. De adviezen van de virologen zijn alvast duidelijk: we beperken de contacten en de verplaatsingen in de publieke ruimte. Vanuit virologisch oogpunt is de oplossing met halve klassen week-om-week de meest veilige met het kleinste aantal langdurige contacten en de minste verplaatsingen van leerlingen naar en van school. Of neen, in de rangorde was er toch nog één oplossing veiliger vanuit virologisch oogpunt: 100% afstandsonderwijs. We erkennen dat het de taak is van de virologen om op de virologische nagel te blijven kloppen. Met andere overwegingen hoeven zij niet meteen rekening te houden.

In de praktijk erkennen de virologen uiteraard wel dat die oplossing met halve klassen om de week niet overal de beste oplossing zal zijn als we ook rekening houden met pedagogische en onderwijsorganisatorische overwegingen. Hiermee nodigen we onze scholen dan ook uit om de puzzel zelf te leggen op basis van alle elementen die we in de weegschaal moeten leggen. De bevindingen van de virologen kunnen een goede leidraad zijn voor de virologische poot van de uiteindelijke organisatievorm waar we voor kiezen.

Mogelijk wordt op enkele plaatsen gekozen voor andere oplossingen, bijvoorbeeld

  • met de helft van het totaal aantal  klassen om de week, om te vermijden dat personeel tegelijkertijd moet inzetten op afstandsonderwijs en contactonderwijs
  • met de helft van het totaal aantal klassen dag om dag, alternerend per veertien dagen. Groep A komt dan in de pare weken op maandag, woensdag en vrijdag naar school voor contactonderwijs. Groep B wordt in die pare weken op dinsdag en donderdag op school verwacht voor contactonderwijs. En we keren de rol om in de onpare weken. Zo heb je om de twee dagen fysiek contact met de leerlingengroep.
  • met klasgroepen die meer dan 50% afstandsonderwijs krijgen zodat andere klasgroepen meer contactonderwijs kunnen krijgen dan 50%. Dat kan een bewuste keuze zijn om leerlingen met veel praktijkuren meer in de school te mogen ontvangen.
  • Met halve of hele klassen alternerend halve dagen in de voormiddag en namiddag. Deze oplossing lijkt aantrekkelijk omdat het middagmoment uit de schoolperiode gewist wordt. Net dat middagmoment is met de maaltijd een van de meest risicovolle ogenblikken in een schooldag. Zo’n halvedagoplossing wordt door de virologen nochtans sterk ontraden omdat alle leerlingen zich toch elke dag verplaatsen naar en van school én omdat het risico op kruisen van leerlingenstromen van de voormiddag en de namiddag een extra virologisch risico oplevert. Als je voor die optie zou kiezen, neem dan zeker de nodige maatregelen om die risicofactoren zoveel mogelijk in te perken. Ook De Lijn vraagt ons ten andere om halvedagoplossingen te vermijden als we voor de mobiliteit van onze leerlingen op busvervoer moeten rekenen. De extra capaciteit die De Lijn hiervoor elke middag moet inzetten, is moeilijk te organiseren.

Het is duidelijk dat vele organisatievormen een antwoord kunnen zijn op het verbod om meer dan 50% contactonderwijs te voorzien en dat in de praktijk meer zal moeten meespelen dan louter virologische overwegingen. Dat is de puzzel die we nu leggen.

Onthoud ook dat kwetsbare leerlingen altijd voor contactonderwijs naar school mogen komen. Leerlingen kunnen als kwetsbaar gedetecteerd worden omdat ze leerbedreigd zijn of omwille van een problematische thuissituatie. Daarnaast werd ook aangegeven dat leerlingen BUSO OV1 en OV2 per definitie kwetsbaar zijn, zoals we dat ook durven zeggen van onze OKAN-leerlingen. Voor de kwetsbare leerlingen is de 50%-regel dus niet van toepassing.

We houden ons beschikbaar om je te helpen om die puzzel te leggen.