Update met Europees onderwijsnieuws

26 juni 2020

Maarten Libeer van Vleva bezorgde ons een update met Europees onderwijsnieuws. Op onze blogpagina van internationalisering kun je alles nalezen over de nieuwe Europese budgetten, nieuws van de Europese Raad en vergroening van Erasmus+

Een nieuw Europees budget en een Europees herstelfonds: Impact op onderwijs

Het coronavirus zorgde in de Europese Unie voor een aardschok. Om die op te vangen, werd er een Europees Herstelplan in de steigers gezet. Het herstelplan bestaat uit drie delen:

  • een nieuw voorstel voor een Europees meerjarig budget
  • een Europees herstelfonds
  • een aanpassing van het Europees werkprogramma

Hoe beïnvloedt dit de onderwijsagenda?

Erasmus+-middelen

Het voorgestelde Erasmus+-budget is nu hoger dan in het laatste voorstel van februari dit jaar, maar nog steeds lager dan dat van in 2018. Er wordt 24,6 miljard uitgetrokken voor Erasmus+. Een grote stijging ten opzichte van het huidige budget (2014-2021) van 14,7 miljard. Daarmee wil de Europese Commissie:

  • het aantal begunstigden flink verhogen;
  • mensen uit alle sociale achtergronden bereiken;
  • sterke relaties met de rest van de wereld onderhouden, via bijvoorbeeld blended mobility;
  • focussen op toekomstgerichte studies, zoals bijvoorbeeld het klimaat en digitalisering;
  • de Europese identiteit bevorderen.

Onderwijs binnen het herstelplan

Binnen het herstelplan komt er een herstel - en veerkrachtfaciliteit. Deze faciliteit is het belangrijkste deel van het Europees herstelfonds en zal grootschalige financiële steun bieden voor overheidsinvesteringen en hervormingen die de economieën van de lidstaten veerkrachtiger maken. Daarn wordt expliciet verwezen naar onderwijs als een sector waarin moet geïnvesteerd worden. Het herstelfonds wordt geënt op de digitale en groene transitie. Qua digitalisering zijn hier duidelijk mogelijkheden en middelen voor de onderwijssector in Vlaanderen. Er zijn wellicht ook mogelijkheden voor de renovatie van schoolgebouwen, maar dit is nog koffiedik kijken.

Geplande initiatieven

De crisis heeft het belang van digitale vaardigheden aangetoond voor kinderen, studenten, learen, opleiders en voor ons allemaal om te communiceren en te werken. De Commissie zet extra in op de vernieuwde vaardighedenagenda die er binnenkort aankomt- en het nieuwe actieplan voor digitaal onderwijs dat verschijnt in het derde kwartaal.

Nieuws van de Europese Raad

De Raad neemt conclusies aan over de leraren in de EU

In zijn conclusies erkent de Raad de inzet van dat leraren en opleiders tijdens de huidige COVID-19-crisis en noemt hen een onmisbare drijvende kracht achter onderwijs en opleiding.

De Europese raad roept de lidstaten op om een aantal maatregelen te nemen in verband met de ontwikkeling van de competenties van leerkrachten en opleiders, de bevordering van hun deelname aan de permanente beroepsontwikkeling, de bevordering van hun mobiliteit, het betrekken van hen bij de toekomstige beleidsontwikkeling en de bevordering van hun welzijn.

Ten slotte wordt de Europese Commissie verzocht de ontwikkeling van onderwijs- en opleidingsmogelijkheden voor toekomstige en praktiserende leraren en opleiders, alsook hun mobiliteit, te blijven steunen.

Lees de hele tekst hier.

De ministers van onderwijs trekt lessen na de corona-crisis

De minister benadrukken de positieve houding van leerlingen, studenten en leraren ten aanzien van afstandsonderwijs maar erkennen ook dat online onderwijs betere digitale vaardigheden, bijgewerkte technologische apparatuur en een bredere toepassing van digitale technologieën in het onderwijs vereist.

De ministers wezen op een aantal uitdagingen, zoals de sociale integratie van alle leerlingen en studenten, de beschikbaarheid van digitale apparatuur en internettoegang, en cyberveiligheid. Het aanleren van adequate digitale vaardigheden aan leerkrachten, leerlingen en studenten werd door de ministers ook genoemd als een belangrijke uitdaging.

Uit de bespreking bleek dat er op dit moment geen aanwijzingen zijn dat de heropening van de onderwijs- en opleidingsinstellingen het aantal bevestigde COVID-19 gevallen in de lidstaten van de EU heeft doen toenemen. De opening van de scholen voor volgend jaar hangt af van de epidemiologische situatie op dat moment.

Tot slot benadrukten veel ministers dat afstandsonderwijs nooit in de plaats kan komen van face-to-face interactieve en sociaal-intensieve onderwijs- en leerervaringen.

Lees alles erover hier.

Hoe kan Erasmus ‘vergroend’ worden?

Een studie gemaakt voor het Europees Parlement somt de mogelijkheden op om het Erasmus+-programma te vergroenen. De vijf belangrijkste bevindingen zijn de volgende:

  • De programma's (Erasmus+, Europees Solidariteitskorps en Creatief Europa) missen een fundament die hun bijdrage aan de milieudoelstellingen beschrijft: in het grootste deel van de programmaperiode 2014-2020 wordt er niet specifiek verwezen naar de milieudoelstellingen en het klimaat actie. Als gevolg daarvan is er geen formele sturing. Bovendien is er een gebrek aan monitoringgegevens met betrekking tot de bijdrage van de bijdrage aan de milieudoelstellingen.
  • Een aanzienlijk en toenemend aandeel van projecten zijn gericht op milieukwesties wat overeenkomt met 14,2% van het (gecombineerde) toegekende budget voor de programma's Erasmus+, het solidariteitskorps en Creatief Europa.
  • Er moet verder worden voortgebouwd op bestaande goede praktijken/prikkels die zijn ontwikkeld door de uitvoerende instellingen. Er zijn goede praktijken geïdentificeerd, maar deze zijn verspreid over NCPs en de begunstigden.
  • De manier van verplaatsen binnen het Erasmus-kader kan meer worden gestuurd. Momenteel laat de Europese Commissie de deelnemers aan het programma vrij om te beslissen hoe te reizen. Er zijn verschillende mogelijkheden om de CO2-uitstoot te verminderen door bijvoorbeeld:
    • Financiële en niet-financiële stimulansen
    • Een betere integratie van online vormen van leren en samenwerking; compensatie voor mobiliteit
    • Een goed toegankelijke infrastructuur voor openbaar vervoer.
  • De indicatoren en instrumenten voor het meten van de milieu-impact van programma-activiteiten moeten uitgebreid worden en meer toegankelijker worden gemaakt.

Lees de volledige briefing hier.