Commissie Onderwijs 14-03-2019 – Incidenten rond levensbeschouwelijk onderricht

18 maart 2019

Toen onderwijscommissaris Caroline Gennez begon met haar intro, schreef ik meteen in mijn notities “ooit nog ’s aan bod gekomen, herinner ik me vaag”. Het thema kwam overigens niet onverwacht van haar kant. Maar wat bleek bij nader toezien? En finaal was ik er zelfs niet 100% zeker van of vragensteller Gennez zich wel bewust was van wat hier aan het gebeuren was: beste lezer, jij weet dat hier regelmatig weliswaar opvolgingsvragen gesteld worden, maar dit was noch min noch meer gewoon de identieke herhaling van een eerder gestelde vraag. Ik durf zelfs vermoeden dat Gennez eigenlijk uit het oog verloren was dat ze deze vraag vorig jaar al gesteld had, maar naderhand in het gesprek probeerde ze dat enigszins te camoufleren en het als een ‘reguliere’ opvolgingsvraag voor te stellen, leek mij, maar ik kan me natuurlijk vergissen. Haar verwijzing naar een hoofdartikel in een Vlaamse krant met een datum zonder jaartal leek 20 februari (dat was de datum) van dit jaar te impliceren. Maar neen, dankzij minister Crevits werd duidelijk dat het om 20 februari 2018 ging en toen kwam gelijk ook aan het licht dat het tweede incident (bedenkelijke informatie van een leraar islamitische godsdienst op een website) niet nieuw was. Om een lang verhaal kort te maken: op 8 maart 2018 had vragensteller Gennez dezelfde vraag gesteld over het eerste incident en op 19 april 2018 had collega Koen Daniëls zulks gedaan over het tweede incident.

Maar goed, het ging dus over levensbeschouwelijke vakken en belendende percelen. Minister Crevits lijstte nog eens ordentelijk op welke maatregelen sinds Onderwijsdecreet XXIII (2013, dus vorige legislatuur) zoal genomen waren (tot en met de nieuwe jaarverslagen voor godsdienstvakken in de Onderwijsspiegel vanaf dit jaar toe) en welke acties ondernomen, ook via de Onderwijsinspectie, alsook de geplande opvolgingsactie in het derde trimester t.a.v. een joodse school (met name, joods collectief huisonderwijs). De rest over de twee andere vragen (overheidseindtermen voor levensbeschouwelijke vakken en een andere grondwettelijke regeling voor zulke vakken) was gewoon herhaling van meerdere eerdere verhalen.

In haar repliek sloot vragensteller Gennez aan bij een actuele verzuchting van sommigen naar een grondwetswijziging in dezen. Die kenden we ook al.

Het verleden heeft al bewezen dat ook interveniënt Nadia Sminate erg geïnteresseerd is in deze materie en zij stelde bijkomende vragen over de bekwaamheidsbewijzen voor andere godsdiensten dan de islam en over de rol van de directeur wanneer hij net de bron is van kwestieus gedrag. Interveniënt Jos De Meyer sprak gebald in zijn repliek op Gennez, maar niet minder duidelijk. En interveniënt Koen Daniëls benadrukte het belang van het decreet waarin de controlerende rol van de directeur bij levensbeschouwelijke lessen geregeld werd.

Dit verhaal wordt nog vervolgd, ongetwijfeld.

Lees de bespreking van de “Vraag om uitleg over incidenten rond levensbeschouwelijk onderricht van Caroline Gennez” aan minister Hilde Crevits.

Reageren op dit commentaar kan bij wilfried.vanrompaey [at] katholiekonderwijs.vlaanderen (subject: Commissie%20Onderwijs%2014-03-2019%20%E2%80%93%20Incidenten%20rond%20levensbeschouwelijk%20onderricht) (Wilfried Van Rompaey).