Klimaatmarsen - hoe kun je ermee omgaan?

Al enkele donderdagen op rij komen jongeren op straat voor het klimaat. De acties houden aan, vinden niet alleen meer in Brussel plaats, en het aantal leerlingen dat eraan deelneemt, stijgt. We krijgen dan ook regelmatig vragen van besturen en directies. 

Spijbelen kan niet, maar vanuit je pedagogisch project kun je als school begrip opbrengen voor het feit dat leerlingen voor het klimaat opkomen (cf. Radio 1-interview). Inspirerend burgerschap gaat om identiteit, de wereld als gave en opgave. In onze leerplannen heeft duurzaamheid dan ook een belangrijke plaats. Het feit dat leerlingen zich engageren voor het klimaat is positief.

Als school bepaal je autonoom hoe je met afwezigheden omgaat. Uitgangspunt is dat de afwezigheid problematisch is (spijbelen), tenzij je een andere regeling treft. We merken dat scholen er verschillend mee omgaan. Daarom geven we hieronder de verschillende opties. 

Je beschouwt het als een problematische afwezigheid

Leerlingen spijbelen als ze deelnemen, en dat moet worden benaderd als een problematische afwezigheid (code B). Dat is de uitgangspositie waarmee naar de klimaatmarsen gekeken wordt, zeker als die de komende weken verder aanhouden. Je kunt samen met de leerlingen bekijken welke acties voor het klimaat meer aangewezen zijn dan spijbelen, en de leerlingen of de leerlingenraad mee verantwoordelijkheid geven. Problematische afwezigheden dienen opgevolgd te worden. Voor spijbelende leerlingen moeten de consequenties in elk geval vooraf duidelijk zijn, zoals voor evaluaties.

Je beschouwt het als een afwezigheid om persoonlijke redenen

Als directeur kun je de afwezigheid van de leerlingen toestaan om persoonlijke redenen (code P). Een school die de afwezigheid toestaat, kan daaraan voorwaarden koppelen, zoals een eenmalige toestemming van de school, een individuele motivering van de leerling, het zelfstandig bijwerken van de gemiste leerstof en/of gemiste evaluaties inhalen. Voor minderjarige leerlingen moeten de ouders in elk geval vooraf hun schriftelijk akkoord geven. Voor het aanwezigheidsregister moet er een verantwoordingsstuk zijn. De motivering van een leerling om deel te nemen aan de actie, kan bijvoorbeeld zo’n stuk zijn.

Je beschouwt het als een schoolactiviteit

Als school kun je de acties ook (eenmalig?) beschouwen als een schoolactiviteit, gekoppeld aan het pedagogisch project van de school. Uiteraard dien je de deelnemende leerlingen goed te begeleiden. Voor de andere leerlingen wordt op school een zinvol vervangend programma voorzien dat aansluit bij dezelfde doelstellingen.

Ben je als school aansprakelijk?

Laat ouders weten dat je als school niet aansprakelijk bent voor leerlingen die een hele of een deel van de lesdag spijbelen of van wie de afwezigheid is gewettigd als afwezigheid om persoonlijke redenen. Volg leerlingen die niet opdagen op school, op zoals je dat altijd zou doen. En zorg ervoor dat leerlingen tijdens de schooldag niet zomaar de school kunnen verlaten. Personeelsleden die op de betoging aanwezig zouden zijn, worden niet beschouwd als toezichter.

Wanneer de school de acties als een schoolactiviteit beschouwt, dan vallen de leerlingen uiteraard wel onder de verantwoordelijkheid van de school. Personeelsleden die meegaan, doen dat in opdracht van de school en worden geacht toezicht te houden.

Je personeelsleden willen mee betogen

Personeelsleden die mee gaan betogen op een dag waarop ze een opdracht hebben op school, hebben steeds de toestemming nodig van de directeur. Ze moeten een dienstonderbreking nemen. Die dienstonderbreking is een dag verlof of afwezigheid voor verminderde prestaties (VVP of AVP), naar keuze van het personeelslid. Geen van beide verlofstelsels is een recht als het om een enkele dag gaat, maar dient door de directeur toegestaan te worden.

Als de afwezigheid niet wordt gewettigd, kan dat aanleiding geven tot een sanctie en wordt de leraar als onwettig afwezig doorgegeven aan het werkstation. Voor die ‘spijbeldag’ krijgt hij of zij dan geen salaris. We adviseren je uiteraard om eerst voor een goed gesprek te kiezen.