Reclame en sponsoring

Steeds meer schoolbesturen komen op de één of andere manier in aanraking met reclame en/of sponsoring zonder zich daar altijd goed bewust van te zijn. Dit komt onder meer doordat reclame en sponsoring een bijproduct kunnen zijn van sociale media, crowdfunding en andere vormen van fondsenwerving en we daar steeds vaker mee geconfronteerd worden. In zo’n geval is een regel gauw onbewust overtreden.

We brengen graag de decretale regels in herinnering inzake reclame en sponsoring en de manier waarop de Commissie Zorgvuldig Bestuur die regels toepast in adviezen. Een goede opvolging van de eerste 2 regels kunnen heel wat problemen vermijden.

Reclame en sponsoring mogen niet worden verward met schenkingen of giften.

Bij schenkingen en giften is er geen enkele tegenprestatie door de begunstigde van de schenking/de gift. Voor schenkingen en giften van roerende goederen aan vzw’s en stichtingen geldt er in het Vlaams Gewest een schenkbelasting van 5,5% en vrijstelling van btw. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zijn deze schenkingen zowel vrijgesteld van btw als van schenkbelasting.
Een vermelding van de naam of het logo van de schenker is al voldoende als tegenprestatie om niet meer van een schenking/gift te kunnen spreken maar van sponsoring.

Met reclame wordt bedoeld: mededelingen met als doel de verkoop te bevorderen.
Sponsoring houdt een bijdrage in met als doel om de bekendheid te verhogen. Sponsoring kan de vorm aannemen van een bijdrage aan de inrichting van de school, een bijdrage in de kosten van een eve-nement of een bijdrage voor (les)materialen, software en IT-benodigdheden, toestellen, … 
In vele gevallen maakt de regelgeving geen onderscheid tussen reclame en sponsoring.

Dit zijn de regels van de Commissie Zorgvuldig Bestuur:
1) elke school moet in overleg met de schoolraad een basisvisie inzake reclame en sponsoring opstel-len en de afspraken die met de schoolraad gemaakt zijn, opnemen in het schoolreglement. Het is bijvoorbeeld raadzaam om samen met de schoolraad een standpunt te bepalen over de medewerking aan reclame voor tabaksproducten, alcoholische dranken, suikerhoudende voeding en dranken, kans-spelen, … en de mogelijkheid om als school sponsoring te aanvaarden die gericht is op het verhogen van de bekendheid van dergelijke producten, over de voorwaarden die de school moet stellen ten aanzien van de tegenpartij, waar en op welke manier logo’s en namen van sponsors kunnen worden vermeld, wie over een aanbod kan beslissen, of en op welke manier over beslissingen moet worden gerapporteerd ... 
 
2) de school moet elke vorm van reclame en sponsoring waaraan de school wil meewerken, toetsen aan het beleid vooraleer de reclame/sponsoring toe te laten.
 
3) de verplichte onderwijsactiviteiten of leermiddelen zijn vrij van reclame. De verplichte onderwijsac-tiviteiten en leermiddelen zijn de onderwijsactiviteiten en leermiddelen die bedoeld zijn om de eind-termen te bereiken of de ontwikkelingsdoelen na te streven. Door het schoolbestuur verstrekte leer-middelen mogen geen mededelingen bevatten die rechtstreeks of onrechtstreeks tot doel hebben de naam- of merkbekendheid, de verkoop van producten of diensten of de ledenwerving te bevorderen.
 
4) de facultatieve onderwijsactiviteiten in het basisonderwijs en alle onderwijsactiviteiten in de andere onderwijsniveaus zijn vrij van reclame, behalve als het enkel gaat om een verwijzing naar het feit van de tussenkomst van een persoon of een organisatie (sponsoring).
 
5) de reclame en sponsoring die de school toelaat, zijn kennelijk verenigbaar met de pedagogische en onderwijstaken en doelstellingen van de school.
 
6) de reclame en sponsoring brengen de objectiviteit, de geloofwaardigheid, de betrouwbaarheid en onafhankelijkheid van de onderwijsinstelling niet in het gedrang. Wanneer een school geen contractu-ele band heeft met een bepaalde handelaar, dan mag de reclame- en sponsoractiviteit van de school de concurrentiepositie van handelaars onderling niet beïnvloeden.
 
7) sponsorvermeldingen zoals logo’s, merknamen, … mogen niet op de buitenwereld gericht zijn. Ze mogen bijvoorbeeld niet zodanig zijn aangebracht op de muur van een schoolgebouw dat ze vanop de openbare weg zichtbaar zijn.

 

Het plaatsen van een commerciële aankoopboodschap op de schoolwebsite is evenmin toegelaten om-dat het niet de bedoeling is dat scholen meewerken aan het verhogen van omzet en inkomsten van commerciële privébedrijven. Organisaties die bijdragen tot een project in de school kunnen wel als sponsor vermeld worden op de schoolwebsite maar alleen in die ruimtes die niet gebruikt worden voor opvoedings- en onderwijsactiviteiten die noodzakelijk zijn voor de eindtermen en ontwikkelingsdoelen.

Daarnaast mag niet uit het oog worden verloren dat de meeste reclame en sponsoring onderworpen is aan 21% btw. Daarop bestaat er beperkte uitzonderingen: de btw-vrijstelling voor kleine ondernemin-gen en de van de btw vrijgestelde fondsenwerving. De btw-vrijstelling voor fondsenwerving is niet van toepassing wanneer logo’s, banners of merknamen enz. meer dan occasioneel zichtbaar worden ge-maakt voor het publiek. 
De inkomsten of tegenprestaties die de school ontvangt voor het openbaar maken van logo’s, banners of merknamen enz. aan het publiek is bovendien onderworpen aan 30% rechtspersonenbelasting. Van de ontvangen inkomsten of tegenprestaties mag een forfaitaire of aantoonbare werkelijke kost worden in mindering gebracht.