Plenaire vergadering 17-01-2018 – Rapport opstart ondersteuningsnetwerken

18 januari 2018

Deze actuele vragen sloten naadloos aan bij de actuele vraag over leerlingenbegeleiders van een week voordien. Minister Crevits had toen nog maar zo’n rapport over de opstart van de ondersteuningsnetwerken aangekondigd of het lekte vandaag al uit. Na het artikel over de zaak ’s ochtends in dS werd in de loop van de voormiddag al getweet c.q. getwitterd door een aantal betrokkenen, maar old school als ik ben, bepaal ik me hier tot het live parlementaire optreden van vragenstellers Elisabeth Meuleman, Caroline Gennez en Koen Daniëls, van interveniënten Kathleen Helsen en Jo De Ro en van minister Crevits.

Kort samengevat, waren de vragenstellers van de oppositie, zoals voorheen, heel kritisch. Alle relevante knelpunten werden nogmaals opgelijst. De vragensteller van de meerderheid gebruikte een oud maar heel werkbaar adagium in dezen van zijn vroegere kartelpartner, was zich bewust van bepaalde problemen bij de opstart van het nieuwe ondersteuningssysteem en wilde finaal ook kritisch kijken naar het M-decreet zelf. Vanuit die twee verschillende vertrekposities stelden de drie onderwijscommissarissen wel ongeveer dezelfde vraag: wat ging de minister doen aan de problemen?

Minister Crevits maakte doorheen haar tussenkomsten een interessante vergelijking tussen “voor” en “na” het huidige ondersteuningssysteem. Ze benadrukte ook het juiste statuut van het gelekte rapport en vertelde het verhaal van de stuurgroep ter zake. Ook interessant. Ze had een aantal bijkomende maatregelen in het vooruitzicht en was globaal realistisch-constructief.

Na de replieken van de vragenstellers kwamen nog twee interveniënten aan het woord. Eerst onderwijscommissievoorzitter Kathleen Helsen. Zij zag als noodzakelijke voorwaarden in dezen: tijd en een grondige mentaliteitswijziging, wat betreft zorg in onderwijs. Maar zij legde ook de vinger op een politieke wonde: “Als ik een belangrijke conclusie trek, dan is dat vooral dat we tijdens de vorige legislatuur hadden moeten uitvoeren wat we nu hebben gedaan. Daar zit het probleem.”
Dan was het de beurt aan interveniënt Jo De Ro. Enerzijds sloot hij zich aan bij die politieke kwestie (N.B. vorige legislatuur zat zijn partij in de oppositie) en juichte de extra middelen nu toe, maar anderzijds wilde hij het systeem voortomvormen tot één systeem, want in de huidige vorm (lees: onderwijsnetgerelateerd) niet efficiënt…allemaal nogal sibillijns gezegd, maar de toekomst zal wellicht uitwijzen waar hij precies naartoe wil…

In de respectieve slotwoorden van de vragenstellers werden de belangrijkste zaken nog eens herhaald. Mij vielen nog wel twee zaken op. Eén. Caroline Gennez die spreekbuis beweerde te zijn voor onze directeur-generaal resp. voor de algemeen secretaris van COV. Twee. Koen Daniëls die niet voor het eerst beweerde dat “coördinatie” niet hoeft bij de ondersteuningsnetwerken zoals die geconcipieerd werden.  

Lees de bespreking van de “Actuele vraag over het rapport Ondersteuningsnetwerken, de eerste tussentijdse evaluatie van het M-decreet van Elisabeth Meuleman, over het evaluatierapport betreffende de opstart van het nieuwe zorgondersteuningsmodel in het kader van het M-decreet van Caroline Gennez en over het evaluatierapport betreffende de invoering van het M-decreet en de ondersteuningsnetwerken van Koen Daniëls” aan minister Hilde Crevits.

Reageren op dit commentaar kan bij wilfried.vanrompaey [at] katholiekonderwijs.vlaanderen (subject: Plenaire%20vergadering%2017-01-2018%20%E2%80%93%20Rapport%20opstart%20ondersteuningsnetwerken) (Wilfried Van Rompaey).